Het was op voorhand een lastige opgave: de uitwedstrijd tegen de nummer twee van de Super Handball League (SHL), Hubo Handbal uit Hasselt. Toch liet BEVO vooral in de eerste helft zien dat het ook tegen een ploeg van dit niveau goed mee kan. De ploeg uit Panningen begonnen aanvallend sterk en bleven lange tijd uitstekend in het spoor van de thuisploeg. BEVO startte met dezelfde opstelling als vorige week tegen Izegem. Van den Heuvel was nog niet inzetbaar en ook enkele andere spelers zijn langdurig geblesseerd. Daardoor waren de mogelijkheden voor Konitz opnieuw beperkt. Dat stond in schril contrast met Hasselt. De thuisploeg kon volop doorwisselen en beschikte bovendien over twee uitstekende keepers, die de BEVO-aanvallers regelmatig van scoren afhielden.
BEVO begon prima aan de wedstrijd. Na veertien minuten stond het 10-9 en was er nauwelijks verschil tussen beide ploegen. Daarna volgde echter een fase die uiteindelijk zwaar zou wegen.
Acht minuten lang lukte het BEVO niet om te scoren. Hasselt profiteerde en liep uit naar 15-9. Konitz greep in met een time-out en zijn ploeg reageerde uitstekend. Binnen korte tijd stond het 15-12 en leek BEVO weer helemaal terug in de wedstrijd.
Juist op dat moment kreeg Strömberg een tijdstraf van twee minuten. Hasselt maakte gebruik van de overtalsituatie en vergrootte de marge weer. Bij rust stond het 19-14.
Ook na rust bleef BEVO proberen om terug in de wedstrijd te komen. Aan de inzet lag het zeker niet en ook aan kansen ontbrak het niet. Daar zat zaterdag tegelijkertijd het grootste probleem. Uit bijna zeventig aanvallen scoorde BEVO 27 keer. Met iets meer scherpte had de wedstrijd er dan ook heel anders uit kunnen zien.
Drie strafworpen werden gemist en ook verschillende één-op-éénkansen met de keeper gingen niet tegen het net. Aan de andere kant profiteerde Hasselt goed wanneer BEVO balverlies leed of met een lege goal speelde. Zo kreeg BEVO bijna tien doelpunten uit snelle tegenaanvallen en ‘empty goals’ tegen.
Dat zijn aantallen die tegen een sterke ploeg als Hasselt moeilijk te compenseren zijn. Tegelijkertijd laat het zien dat BEVO zichzelf zaterdag vooral tekortdeed. De mogelijkheden waren er wel degelijk.
Vorige week, na de ruime overwinning op Izegem, was de vraag of het lek boven was. Eén nederlaag in Hasselt verandert niets aan het feit dat BEVO stappen aan het zetten is. Vooral verdedigend is de vooruitgang zichtbaar.
Strömberg probeert steeds nadrukkelijker het slot op de deur te zijn en brengt veel energie en fysieke kracht in de dekking. De onderlinge afstemming kan nog beter. Er worden nog te veel individuele foutjes gemaakt en juist tegen sterke tegenstanders worden die genadeloos afgestraft. Maar de basis om verder te groeien is duidelijk aanwezig.
Ook aanvallend zit er nog rek in. De samenwerking tussen Mumme, Warasse en Krancz is nog niet altijd optimaal. Dat heeft tijd nodig. Wanneer die automatismen er steeds meer inkomen, heeft BEVO aanvallend veel mogelijkheden.
Van Lisdonk, Janssen en Antonio waren vorige week nog drie van de uitblinkers. In Hasselt lukte het bij hen wat minder. Hun gezamenlijke scoringspercentage lag een stuk lager dan tegen Izegem.
Dat hoort echter ook bij het ontwikkelingsproces van jonge spelers. Juist door wedstrijden tegen tegenstanders als Hasselt te spelen, leren zij wat er op dit niveau wordt gevraagd. Ze hebben al laten zien wat ze kunnen en zullen alleen maar beter worden naarmate ze meer van dit soort wedstrijden spelen.
De ervaren Mumme en Warasse namen zaterdag hun verantwoordelijkheid en waren samen goed voor meer dan de helft van de BEVO-productie. Ook zij zullen weten dat het rendement nog wat hoger kan.
Bij Warasse is bovendien te zien hoeveel hij van zichzelf én van de ploeg verlangt. Soms leidt dat tot zichtbare frustratie wanneer het even niet loopt. Juist dan kan de afwisseling tussen zijn sterke individuele actie en het zoeken naar de medespeler BEVO nog gevaarlijker maken. Antonio en Janssen werden zaterdag op de hoeken bijvoorbeeld maar weinig in stelling gebracht.
Voor BEVO breken nu interessante weken aan. Eerst komt zaterdag Sprimont naar Panningen. Op papier moet BEVO die wedstrijd kunnen winnen. Daarna volgen drie duels die meer zullen zeggen over waar deze ploeg werkelijk staat: uit tegen Visé, thuis tegen Hurry-Up en vervolgens uit tegen Eupen.
Vooral naar de wedstrijden tegen Visé en Hurry-Up mag met vertrouwen worden uitgekeken. BEVO heeft dit seizoen al meerdere keren laten zien dat het er staat wanneer het moet. Bovendien is duidelijk dat er nog ruimte voor groei in de ploeg zit.
De beperkte breedte van de selectie blijft wel een aandachtspunt. Konitz heeft door de langdurige blessures weinig mogelijkheden om spelers rust te geven of tijdens wedstrijden andere keuzes te maken. Extra versterking zou daarom meer dan welkom zijn. Niet alleen om de concurrentie binnen de ploeg te vergroten, maar ook om de belasting beter te kunnen verdelen.
De nederlaag in Hasselt hoeft dan ook zeker niet tot somberheid te leiden. BEVO speelde tegen de nummer twee van de competitie, creëerde voldoende mogelijkheden en liet bij vlagen zien prima mee te kunnen.
Juist daarom zal er na afloop ook een gevoel van teleurstelling zijn geweest. Met een hoger rendement en iets meer scherpte in de omschakeling had BEVO het Hasselt veel moeilijker kunnen maken.
En misschien is dat uiteindelijk wel het meest positieve dat uit deze wedstrijd kan worden meegenomen: BEVO verloor van een sterke tegenstander, maar liet tegelijkertijd zien dat er nog veel meer in deze ploeg zit.