Wetenschapsjournalist en theatermaker Diederik Jekel staat dit weekend in Panningen met zijn voorstelling: De kunst in kunstmatige intelligentie zien. Hij vertelt dat optreden in Limburg voor hem inmiddels als thuiskomen voelt.
“Het is een beetje een thuiswedstrijd,” zegt Jekel. Hij woont sinds een paar maanden in het zuiden van de provincie, vlak bij Maastricht. “Ik kom van het zuidelijkste puntje van Limburg, dat ligt ongeveer vlakbij Maastricht. En daar woon ik nu een driekwart jaar samen met mijn vrouw en kindje. Dus dat is een feest om te mogen wonen.”
Lachen én nadenken
In zijn voorstelling probeert Jekel het vaak ingewikkelde onderwerp kunstmatige intelligentie begrijpelijk en leuk te maken.
“Ik begin eigenlijk altijd mijn voorstelling met een beetje een grapje,” vertelt hij. “Kunstmatige intelligentie is best wel abstract. Sommige mensen weten er heel veel van, andere mensen juist niet. Dus het is altijd een beetje zoeken naar wat je kunt doen dat het voor iedereen leuk is.”
De voorstelling is volgens hem niet alleen informatief, maar ook theatraal. “Ik heb geprobeerd het wat theatraler te maken. Dat je ook een beetje kan lachen en dat het leuk is.”
Grootste misverstand over AI
Veel mensen gebruiken AI zonder precies te weten hoe het werkt. Volgens Jekel is er vooral één groot misverstand.
“Het lastige met kunstmatige intelligentie is dat het zo intelligent lijkt dat je soms vergeet dat het eigenlijk best wel een dom iets is.”
Systemen zoals chatbots kunnen overtuigend overkomen, maar maken volgens hem nog steeds fouten. “Het komt zo sociaal over en je krijgt zo snel antwoorden dat het heel makkelijk is om daarop te gaan leunen.”
Uiteindelijk gaat het over mensen
Hoewel de voorstelling over technologie gaat, draait het volgens Jekel uiteindelijk vooral om de mens.
“Deze voorstelling gaat bij uitstek meer over mensen, gek genoeg, dan over computers,” zegt hij. “AI houdt eigenlijk een spiegel voor bij ons. Waarom doen we wat we doen? Waarom werken we? Waarom doen we aan onderwijs?”
En dat zijn volgens hem vragen waar we samen over moeten nadenken. “Als straks op een gegeven moment ons werk beter gedaan kan worden door een AI-programma, dan moeten we ons afvragen waarom we dat werk nog door mensen willen laten doen.”