Wie door Reuver rijdt, kan zomaar Herman Franssen hoog op een ladder aantreffen, bezig met een klein penseel. Franssen schildert de oude muurankers van zijn woning, een huis uit 1900. Een precies karwei aan een pand dat na ruim 125 jaar voortdurend aandacht vraagt. Maar verhuizen? Daar denkt Franssen niet aan. Daarvoor zit er te veel familiegeschiedenis in het huis.
De opvallende muurankers aan de gevel zijn niet alleen decoratief. Ze hebben van oudsher een bouwkundige functie en helpen de muren bijeen te houden. Bij moderne woningen zijn dergelijke constructies meestal weggewerkt, maar bij oude huizen zijn ze nog duidelijk aan de gevel te zien.
Franssen onderhoudt ze zelf. Met een penseel en verf die over roest kan worden aangebracht, krijgen de ankers weer een beschermende laag. Een nauwkeurig klusje, maar passend bij een woning waarvan de oorspronkelijke uitstraling zoveel mogelijk behouden moet blijven.
Het huis dateert uit 1900 en is al generaties verbonden met de familie. Onder anderen de opa van Franssens vrouw woonde er. Dat maakt de woning voor Franssen veel meer dan alleen een dak boven het hoofd.
Wanneer hem wordt gevraagd of hij vanwege al het onderhoud nooit heeft overwogen te verhuizen, is het antwoord duidelijk: nee. Franssen vindt het huis daarvoor veel te bijzonder. Bovendien is het een echt familiehuis.
De familiegeschiedenis reikt zelfs tot Nieuw-Zeeland. Een familielid emigreerde lang geleden naar dat land. Nakomelingen kwamen later naar Reuver en vonden het bijzonder om het huis te bezoeken waarin een deel van hun familiegeschiedenis ligt.
Het pand kent ook een ondernemend verleden. De vader van Franssens vrouw was kleermaker en werkte vanuit het huis. Ook diens vader oefende het vak uit. Zo werd het ambacht van generatie op generatie doorgegeven en was het pand behalve woonhuis ook een plek waar gewerkt werd.
Door de jaren heen veranderde er uiteraard veel. Een woning van ruim een eeuw oud aanpassen aan de eisen van deze tijd is echter niet altijd eenvoudig. De dikke muren hebben bijvoorbeeld geen moderne spouw. Isoleren aan de buitenzijde zou betekenen dat een deel van het karakter van het huis verloren gaat, en dat wil Franssen juist voorkomen.
Toch is er veel gedaan om het huis comfortabeler en energiezuiniger te maken. Vloeren zijn vernieuwd en geïsoleerd en er zijn verschillende maatregelen genomen om de warmte beter binnen te houden. Zelfs een warmtepomp heeft zijn weg gevonden naar de woning uit 1900.
Aan de buitenkant zijn nog tal van historische details te ontdekken. Een blikvanger is de karakteristieke trapgevel. Volgens Franssen zijn daar in Reuver niet veel exemplaren meer van te vinden. Ook bij andere onderdelen probeert hij rekening te houden met de uitstraling van het huis. Zo is voor bepaalde details bewust gekozen voor een lichtgroene kleur, omdat die volgens hem goed bij het pand past.
En dus blijft Franssen onderhouden, herstellen en schilderen. Een oud huis brengt werk met zich mee, maar daar staat iets tegenover wat bij een nieuwe woning moeilijk te vinden is: generaties aan verhalen.