De aankoop van het voormalige klooster in Koningslust heeft dinsdagavond geleid tot een stevig politiek debat over het vertrouwen in wethouders Nijssen en Van Lierop. BBB diende een motie van wantrouwen in tegen wethouder Erik Nijssen en een motie van treurnis tegen wethouder Tijs van Lierop. Beide wethouders weerspraken dat zij de gemeenteraad bewust verkeerd hebben geïnformeerd.
BBB-fractievoorzitter Paul Sanders zei geschrokken te zijn van het dossier dat de raadsleden over de aankoop mochten inzien. Volgens BBB blijkt daaruit dat Nijssen wist dat commercieel wonen tot de mogelijkheden behoorde, terwijl lange tijd aan gemeenteraad en inwoners is verteld dat een maatschappelijke invulling een voorwaarde van het bisdom was.
Het dossier laat volgens de partij zien dat commercieel wonen tijdens het aankoopproces ter sprake kwam en dat het bisdom in mei 2025 de maatschappelijke invulling omschreef als een keuze van de gemeente. Later stelde het bisdom eveneens dat de gemeente zelf voor een maatschappelijke bestemming had gekozen en dat het zich niet herkende in de eerder gecommuniceerde voorwaarde.
BBB verwijt Nijssen daarnaast dat de raad en inwoners onvoldoende zijn meegenomen in plannen om het klooster mogelijk te gebruiken voor statushouders en als tijdelijke doorstroomvoorziening. De fractie beschuldigde hem ervan het college, de raad en inwoners te hebben voorgelogen.
Nijssen verwierp die beschuldiging. „Ik heb niet gelogen. We hebben steeds de waarheid verteld zoals we dat hebben ervaren”, zei hij. Volgens Nijssen zijn tijdens het aankoopproces verschillende mogelijkheden onderzocht. Het tijdelijk onderbrengen van mensen uit de doorstroomvoorziening in Broekhuizenvorst was daar één van, maar dat plan bleek volgens hem niet direct uitvoerbaar vanwege de benodigde vergunningen. Ook het huisvesten van statushouders is volgens hem nooit buiten beeld geweest.
Over de bestemming stelde Nijssen dat het college ervan overtuigd was dat commercieel wonen geen mogelijkheid was. Pas later zou duidelijk zijn geworden dat het bisdom daar anders tegenaan keek. „Ik heb als wethouder en als mens naar eer en geweten gehandeld”, aldus Nijssen. Wel zei hij de ontstane onduidelijkheid bij de inwoners van Koningslust ten zeerste te betreuren.
BBB richtte zich ook op Van Lierop, die het dossier eind 2025 van Nijssen overnam. Volgens Sanders kreeg Van Lierop daarna signalen die aanleiding gaven om vraagtekens te zetten bij de eerdere uitleg over de positie van het bisdom. Toch bleef richting de raad de boodschap overeind dat een maatschappelijke bestemming een uitdrukkelijke voorwaarde was.
BBB koos bij Van Lierop niet voor een motie van wantrouwen, maar voor een motie van treurnis. Sanders benadrukte dat Van Lierop volgens zijn fractie op onderdelen verkeerd was geïnformeerd door Nijssen en na de overdracht van het dossier wel heeft geprobeerd duidelijkheid te krijgen.
Van Lierop weersprak dat hij zelf bewust verkeerde informatie heeft verstrekt. Hij erkende wel dat hij het standpunt van het college nadrukkelijker had kunnen uitdragen.
Ook andere partijen waren kritisch. CDA-raadslid Peter van Horen zei dat de stukken volgens zijn fractie op meer wijzen dan een misverstand. D66 concludeerde dat de gemeenteraad onjuist is geïnformeerd en stelde ook vragen over de controle van informatie binnen het college.
Lokaal Peel en Maas en PRO gingen niet mee in de conclusie dat bewust is gelogen. Sanne Hermkens van Lokaal verweet BBB selectief uit het dossier te putten. PRO zei niet overtuigd te zijn dat Nijssen bewust zaken anders heeft voorgesteld. De VVD stelde eveneens dat uit het dossier naar voren komt dat Nijssen zelf overtuigd was van zijn uitleg, al had volgens de fractie een extra controle bij het bisdom voor de hand gelegen.
Aan het einde van het debat kwamen vier moties in stemming. BBB handhaafde haar moties van wantrouwen en treurnis. Beide kregen alleen steun van BBB en CDA. PRO, D66, Lokaal en VVD stemden tegen.
D66 diende daarnaast twee eigen moties in, een lichtere variant. In een motie van afkeuring stelde de partij dat wethouder Erik Nijssen in het kloosterdossier onvoldoende werk heeft gemaakt van tijdige reflectie en kritische bevraging. Een tweede motie sprak treurnis uit over de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het college voor de informatievoorziening aan raad en inwoners.
Het college bestreed het beeld dat onderlinge kritische reflectie onvoldoende zou hebben plaatsgevonden. Volgens het college zijn de wethouders juist kritisch op elkaar en verschillen zij onderling regelmatig van mening. D66 hield vol dat eerder en beter had moeten worden gereflecteerd.
Beide D66-moties kregen steun van BBB en CDA. Daarmee waren er elf stemmen voor. VVD, PRO en Lokaal stemden met zestien stemmen tegen. Ook deze twee moties werden daarmee verworpen.
Het college kan daarmee verder en ook wethouders Nijssen en Van Lierop kunnen blijven op hun post. Toch heeft het college, dat pas vijf maanden onderweg is, met dit dossier zijn eerste flinke politieke tik te pakken.