Tijdens 'Beesel Kiest' gingen de partijen in debat over de woningbouwopgave. De verschillende partijen zijn het over één ding eens zijn: er moeten snel meer woningen komen. Toch verschillen de politieke partijen van mening over de manier waarop dat moet gebeuren en voor wie er gebouwd moet worden.
De gemeente heeft de ambitie om tot en met 2033 zo’n 500 nieuwe woningen te realiseren, gemiddeld vijftig per jaar. Volgens de partijen aan tafel is dat hard nodig, omdat veel inwoners – vooral jongeren en starters – moeite hebben om een betaalbare woning te vinden.
Innovatieve woonvormen
Een belangrijk discussiepunt was de vraag of de gemeente sterker moet inzetten op innovatieve en tijdelijke woonvormen, zoals prefabwoningen en tiny houses. Mathijs Stocks van Samen Verder pleit voor snelheid en flexibiliteit. Volgens hem moet de gemeente alle mogelijkheden benutten om de woningbouw te versnellen. “We moeten alle kranen openzetten. Als kleine gemeente kunnen we juist voorop lopen met nieuwe woonconcepten, zoals tiny houses,” stelde hij.
Ook Rob Ambaum van de Beeselse Lijst ziet kansen in vernieuwende oplossingen, maar benadrukt dat woningbouw onderdeel moet zijn van een breder plan. “Het gaat niet alleen om snel huizen neerzetten. Je bouwt een wijk. Daar horen ook voorzieningen, groen en een goede inrichting bij.”
Knarrenhofjes en doorstroming
Een van de ideeën die aan tafel werd besproken is het zogenoemde “knarrenhofje”: een woonvorm waarbij ouderen en jongeren in een gemeenschap bij elkaar wonen en elkaar ondersteunen.
Linda van den Beucken van de VLP ziet daar mogelijkheden voor in Beesel, bijvoorbeeld op de locatie van de oude school. “Het zou mooi zijn als ouderen dichter bij voorzieningen kunnen wonen, waardoor ook grotere woningen vrijkomen voor gezinnen,” zei zij. Volgens haar hoeft het concept niet per se onder die naam te vallen, zolang het maar bijdraagt aan betere doorstroming op de woningmarkt.
Lokale binding
Anouk Huijs van het CDA benadrukte dat innovatieve woonvormen welkom zijn, maar volgens haar niet de enige oplossing vormen. “We hebben de afgelopen jaren laten zien dat ook traditionele woningbouw goed werkt en populair is,” zei zij.
Het CDA wil daarnaast experimenteren met het toewijzen van woningen aan mensen met een sterke lokale binding. In een nieuw project voor jongeren zou gewerkt kunnen worden met motivatiebrieven, zodat ook starters die nog niet lang op een wachtlijst staan kans maken op een woning.
Dat idee riep vragen op bij andere partijen. Ambaum wees erop dat het lastig kan zijn om zulke brieven objectief te beoordelen. Van den Beucken benadrukte dat de woningmarkt toegankelijk moet blijven voor iedereen.
Tempo van bouwen
Over de snelheid van bouwen lopen de ambities uiteen. Sommige partijen mikken op 500 woningen in tien jaar, terwijl Samen Verder het tempo wil opvoeren naar acht jaar.
Van den Beucken waarschuwde echter dat snelheid niet het enige doel moet zijn. “Het gaat niet alleen om het aantal woningen. Het gaat ook om kwaliteit en om bouwen naar de behoefte van onze inwoners.”
Brede ambitie
Ondanks de verschillen in aanpak delen de partijen dezelfde conclusie: de woningnood in Beesel vraagt om actie.