De vernieuwde gedragscode is landelijk vastgesteld en wordt sindsdien door alle waterschappen toegepast. Volgens Chrit Wolfhagen, dagelijks bestuurder bij Waterschap Limburg, levert dat winst op voor zowel de uitvoerbaarheid als de natuur: “Met de vernieuwde gedragscode soortenbescherming zorgen we nóg beter voor de natuur en hoeven we niet voor iedere klus een aparte omgevingsvergunning aan te vragen.”
Aanpassingen
De aanpassing in de werkwijze houdt in dat maaien niet meer overal en altijd volledig gebeurt. Bepaalde delen van de begroeiing blijven bewust staan, soms zelfs het hele jaar. Het uitgangspunt is het behoud van leefgebieden voor vogels, vlinders, libellen, kleine zoogdieren en inheemse planten. Door delen van de oever ongemoeid te laten, krijgen deze soorten de kans om zich te handhaven en voort te planten.
Eén zijde gemaaid
Deze zogenoemde habitatbenadering betekent dat op locaties waar de situatie het toelaat, één zijde van een beek ongemaaid blijft. De andere zijde wordt gemaaid wanneer dat ecologisch en hydrologisch verantwoord is. In droge periodes kan dat minder vaak nodig zijn dan in natte omstandigheden. Als waterveiligheid in het geding komt, wordt echter van dit principe afgeweken en geldt de reguliere maairoutine.