De gemeente Peel en Maas heeft meer duidelijkheid gegeven over het woningbouwplan Nelisveld in Beringe, na eerdere vragen vanuit de gemeenteraad. Die vragen ontstonden bij de behandeling van het omgevingsplan in de gemeenteraad, waarmee de bouw van maximaal vijftien woningen mogelijk wordt gemaakt.
Twee organisaties betrokken
Een belangrijk punt van verwarring in de raad was de rol van het CPO en dorpscoöperatie Steingood. De gemeente maakt nu duidelijk dat het om twee afzonderlijke rechtspersonen gaat. Het CPO Nelisveld bestaat uit toekomstige bewoners die gezamenlijk hun koopwoning ontwikkelen. Dorpscoöperatie Steingood is een aparte partij en onderzoekt of zij de huurwoningen kan realiseren. Als dat niet lukt, wordt alsnog gekeken naar samenwerking met een woningcorporatie.
Aanpassing in woningaanbod
Het oorspronkelijke plan is inmiddels aangepast aan de vraag. Waar eerst vier levensloopbestendige woningen waren voorzien, blijkt daar minder behoefte aan. In overleg is gekozen voor vier starterswoningen en één levensloopbestendige woning. Ook is een extra huurwoning in het middensegment toegevoegd. Het plan bestaat daarmee uit tien koopwoningen en vijf huurwoningen, verdeeld over sociale huur en middenhuur.
Kavels nog niet verkocht
De gemeente laat weten dat de gronden nog niet zijn verkocht. De bouwvelden zijn wel gereserveerd voor het CPO. Verkoop volgt pas wanneer het plan definitief en onherroepelijk is. De kandidaat-kopers voor de koopwoningen zijn inmiddels geselecteerd. Bij meerdere gegadigden voor een kavel is via een notaris geloot.
Huurwoningen: rol nog niet definitief
Wie de huurwoningen precies gaat bouwen en beheren, is nog niet definitief vastgesteld. Die verantwoordelijkheid komt te liggen bij de partij die de woningen uiteindelijk gaat verhuren. De dorpscoöperatie onderzoekt momenteel of zij deze rol kan invullen. Daarmee blijft een belangrijk punt uit de eerdere raadsdiscussie voorlopig nog open.
Eerdere zorgen in de raad
Tijdens de behandeling van het omgevingsplan in maart stelden meerdere fracties vragen over de constructie rond de huurwoningen. Zo werd onder meer gevraagd wie eigenaar wordt en waar de financiële risico’s liggen.
Ook werd aangedrongen op meer duidelijkheid en transparantie bij dit soort burgerinitiatieven. Het college gaf toen aan vertrouwen te hebben in het plan en ruimte te willen bieden aan nieuwe vormen van woningbouw vanuit het dorp zelf.