Oostappen Vakantiepark De Berckt moet definitief een miljoen euro aan dwangsommen betalen aan de gemeente Peel en Maas. De Raad van State heeft woensdag 12 augustus het hoger beroep van Oostappen ongegrond verklaard. De dwangsommen werden opgelegd vanwege de huisvesting van arbeidsmigranten op delen van vakantiepark De Berckt waar dat niet is toegestaan.
Oostappen Groep is het bedrijf van Peter Gillis.
De gemeente Peel en Maas legde Oostappen in juni 2020 een last onder dwangsom op. Het bedrijf moest stoppen met het huisvesten van arbeidsmigranten op terreindelen waar dat volgens het bestemmingsplan niet is toegestaan. Als Oostappen zich daar niet aan zou houden, moest het bedrijf 250.000 euro per week betalen, met een maximum van één miljoen euro.
Controles
Bij controles op 17 mei en 7 juli 2022 stelde een toezichthouder van de gemeente vast dat op de betreffende delen van het vakantiepark toch arbeidsmigranten waren gehuisvest. Het college van burgemeester en wethouders besloot daarop in augustus 2022 het maximale bedrag van één miljoen euro aan dwangsommen in te vorderen.
Oostappen: termijn was al verstreken
Oostappen was het niet eens met de invordering. Volgens het bedrijf waren de dwangsommen al veel eerder verschuldigd. Oostappen stelde dat tussen juli 2020 en januari 2021 arbeidsmigranten op het vakantiepark waren gehuisvest. Daardoor zou het maximale bedrag van één miljoen euro volgens Oostappen uiterlijk op 21 januari 2021 al verschuldigd zijn geweest.
Voor het innen van een dwangsom geldt in principe een termijn van één jaar nadat deze verschuldigd is geworden. Oostappen stelde daarom dat de gemeente uiterlijk op 21 januari 2022 het geld had moeten innen. Omdat het besluit om de miljoen euro in te vorderen pas op 29 augustus 2022 werd genomen, vond Oostappen dat de gemeente te laat was. De rechtbank Limburg ging eerder niet mee in die redenering. Ook de Raad van State geeft Oostappen nu geen gelijk.
Controles in 2020 belangrijk
Bij het oordeel kijkt de Raad van State onder meer naar gemeentelijke controles op 22 en 28 oktober, 4 november en 14 december 2020. Tijdens deze controles werd niet vastgesteld dat Oostappen zich niet aan de opgelegde regels hield.
Volgens de Raad van State mocht de gemeente daaruit afleiden dat het Oostappen op dat moment was gelukt om zich aan de opgelegde last te houden. Oostappen heeft volgens de hoogste bestuursrechter niet voldoende uitgelegd waarom het bedrijf zich na 2020 niet meer aan die last kon houden. Daarom gaat de Raad van State ook niet mee in het argument dat de gemeente te laat was met het innen van de dwangsommen.
Geen reden om bedrag te verlagen
Oostappen stelde daarnaast dat het bedrijf zich had ingespannen om aan de opgelegde regels te voldoen. Volgens Oostappen was dat een reden om niet het volledige bedrag te innen of om de dwangsom te verlagen. Ook dat argument wordt afgewezen. De Raad van State sluit zich aan bij het eerdere oordeel van de rechtbank dat er geen bijzondere omstandigheden zijn waardoor de gemeente het bedrag zou moeten verlagen.
Het hoger beroep van Oostappen is daarmee ongegrond. De eerdere uitspraak van de rechtbank Limburg blijft staan. Oostappen moet de volledige één miljoen euro aan dwangsommen betalen. De gemeente Peel en Maas hoeft geen proceskosten te vergoeden.