De landbouw in natuurgebied De Groote Peel staat steeds meer onder druk. Nieuwe regels rond het gebruik van grondwater maken het voor agrariërs lastiger om hun gewassen in droge periodes te beregenen. Daarom hebben agrariërs uit de omgeving zich verenigd in het initiatief Agrarisch Meijels Perspectief (AMP).
Met het plan willen de boeren blijven ondernemen zonder de kwetsbare natuur van De Groote Peel extra te belasten.
Toekomstperspectief
De aanleiding voor het initiatief is een uitspraak van de rechter in 2024. Sindsdien moeten boeren in de buurt van De Groote Peel vaak een vergunning aanvragen om grondwater te gebruiken. Als zo’n vergunning wordt geweigerd, kan dat grote gevolgen hebben voor hun bedrijf.
“Op het moment dat die vergunning geweigerd wordt, is het bijna einde landbouw hier in dit gebied. En dat willen we met z’n allen niet,” zegt Chrit Wolfhagen van Waterschap Limburg, dat de boeren ondersteunt bij de zoektocht naar oplossingen. “Vandaar dat wij als waterschap zijn gaan kijken hoe we hier samen met de omgeving maatwerk kunnen leveren, zodat er wel nog toekomstperspectief is.
Breed plan
Wat begon als een plan om water aan te voeren, groeide uit tot een breder voorstel. In het plan kijken boeren niet alleen naar watergebruik, maar ook naar andere onderwerpen. “Ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, biodiversiteit en bodemkwaliteit zijn onderdeel van het plan,” legt Paul Venner van het Agrarisch Meijels Perspectief uit.
Het waterschap heeft daarbij twee belangrijke doelen. “Het knelpunt voor het waterschap is tweezijdig,” aldus Wolfhagen. “In de eerste plaats gaan we kijken of we de grondwaterstanden hier kunnen verhogen om tegendruk te bieden tegen De Peel. En we willen ook de waterkwaliteit gaan verhogen.”
Vanuit de ondernemers
Het initiatief wordt ondersteund door Waterschap Limburg. Volgens het waterschap is het belangrijk dat ideeën uit het gebied zelf komen: het zogenaamde bottum up-principe. “Het kan niet zo zijn dat mensen initiatieven hebben en dat wij op onze handen gaan zitten,” vindt Wolfhagen. “We hebben het actief samen met hen opgepakt. We hebben zelf onderzoeken gedaan naar de mogelijkheden hier, zelfs op perceelniveau.”
Daarmee moet duidelijk worden wat er nodig is om landbouw en natuur beter met elkaar in balans te brengen, verklaart Wolfhagen. “We willen inzicht krijgen in wat hier daadwerkelijk moet gebeuren in relatie tot de natuur en de landbouw. Zo kunnen we kijken wat het echte perspectief is voor ondernemers.”
Tien jaar voor verandering
Volgens Venner staat er veel op het spel voor de boeren in de regio. Tegelijk vraagt de verandering ook tijd. “De toekomst staat concreet op het spel. De uitdagingen zijn groot, maar wij denken niet dat het onmogelijk is. Die handschoen moeten we wel samen oppakken met het waterschap, maar ook met andere overheden, zoals de provincie en het Rijk.”
Venner vindt het belangrijk dat boeren de tijd krijgen om aan veranderingen te werken. “In eerste instantie vraagt dat een andere manier van denken. Het is ook een illusie dat we van het gebruik van vandaag naar nul kunnen. Wij willen perspectief krijgen en een plan hebben waar we de komende tien jaar aan kunnen werken met duidelijk gestelde doelen. Die tijd is wel nodig.”