Ze kwamen ooit als bezoekers naar de camping en hadden naar eigen zeggen “0,0 verstand” van kamperen en tuinieren. Inmiddels kunnen Frits en Henk zich nauwelijks een zomer zonder hun kleine caravan in Kessel voorstellen. Weg van de drukte van Delft vinden ze hier vooral rust, gezelligheid en de Maas.
Uit de stad
Via vrienden maakten Frits en Henk kennis met de camping. Die vrienden hadden al een caravan aan de overkant en tijdens bezoekjes ontdekten de twee Delftenaren hoe prettig het er was. Toen een oudere campinggast besloot te stoppen, kwam haar plek vrij. Of “die heren uit Delft” misschien belangstelling hadden?
Die belangstelling was er zeker. Hoewel Frits en Henk zichzelf absoluut geen campingmensen noemden, gingen ze kijken en waren ze snel enthousiast. Inmiddels hebben ze van de plek hun eigen paradijsje gemaakt.
“Wij komen uit de stad, uit Delft. Dus daar is het wel een ander verhaal”, vertellen ze terwijl ze in hun tuin zitten. Juist het contrast met de Randstad maakt hun verblijf in Kessel zo aantrekkelijk. “Rust en tevredenheid. En gezelligheid”, vatten ze samen.
Van onkruid naar groene tuin
Dat groene vingers niet vanzelf kwamen, blijkt uit de eerste jaren. In het begin wisten Frits en Henk nauwelijks wat een plant en wat onkruid was. Planten verdwenen soms uit de grond omdat ze dachten dat het onkruid was.
Al doende leerden ze steeds meer. De tuin groeide uit tot een groene plek waar ze zichtbaar trots op zijn. Tegelijkertijd proberen ze hem steeds onderhoudsarmer te maken. Ze zijn immers niet het hele jaar op de camping en een tuin vraagt aandacht.
Het draait volgens hen om het vinden van de juiste balans tussen hun leven in de Randstad en hun verblijf in Kessel. Dat verschil moet vooral blijven bestaan. “Er is al zoveel eenheidsworst.”
’s Avonds naar de Maas
Niet alleen de camping zelf trekt. Ook de omgeving is belangrijk geworden. In de loop der jaren leerden Frits en Henk andere campinggasten kennen en ontstonden nieuwe vriendschappen.
En dan is er de Maas. “We zijn weg van de rivier”, vertellen ze enthousiast. Regelmatig zoeken ze ’s avonds het water op om daar samen te zitten. Het zijn juist die eenvoudige momenten die voor hen het campingleven bijzonder maken. Dat genieten doen ze op respectabele leeftijd. Henk wordt 78 en Frits 86. Werken doen ze niet meer. Ze proberen vooral zoveel mogelijk van het leven te genieten.
Klein, maar alles is er
Hun caravan behoort volgens Frits en Henk tot de kleinste van het terrein. Een probleem vinden ze dat allerminst. Tijdens een rondleiding blijkt hoeveel er op een beperkt aantal vierkante meters past. In de kleine keuken staan onder meer een gasfornuis, vriezer, oven, airfryer en magnetron. Veel bewegingsruimte is er niet, maar dat hoeft volgens de bewoners ook niet.
De oorspronkelijke keuken in de caravan wordt tegenwoordig vooral als woonruimte gebruikt. In de zomer werd het er te warm om te koken en bij kouder weer ontstond er condens. Daarom verhuisde het koken naar een aparte ruimte. Verder is er een hoekbank, televisie, koelkast en voldoende opbergruimte. Achterin staat een tweepersoonsbed, compleet met ventilator. Zelfs een toilet en een driedeurs kledingkast ontbreken niet.
De conclusie van Frits en Henk is eenvoudig: je hoeft niet groot te wonen om het goed te hebben.
Bijna vijftig jaar samen
Misschien zit de grootste rijkdom van hun campingplek uiteindelijk niet in de caravan of de tuin, maar in het samenzijn. Frits en Henk zijn inmiddels bijna vijftig jaar bij elkaar. Een prestatie, vinden ze zelf – al wordt daar meteen met de nodige humor op gereageerd. Precies die plagerijen tekenen de ontspannen sfeer in hun kleine paradijs.
Na het gesprek wacht nog een lekker hapje in Kessel en later misschien opnieuw een bezoek aan de Maas. Geen grote plannen, geen haast. Voor Frits en Henk is dat precies de bedoeling: genieten van de plek, van elkaar en van het leven.