Geertje van Roij (rechts op de foto) naast haar pleegmoeder Marlie Smeets.
De 21-jarige Geertje van Roij woont al sinds haar babytijd in een pleeggezin. Wat voor haar normaal voelt, blijft voor de buitenwereld vaak lastig te begrijpen. Met haar verhaal wil ze laten zien hoe pleegzorg in het dagelijks leven werkt en welke misverstanden er nog altijd bestaan.
Geertje werd als baby in een pleeggezin geplaatst nadat haar biologische moeder op 16-jarige leeftijd beviel en afstand deed van haar. Ze groeide op bij Marlie Smeets en haar gezin. In het kader van de Week van de Pleegzorg vertelt ze haar verhaal in een speciale uitzending van Studio P&M.
‘Je lijkt op je vader of moeder’
Voor Geertje zijn opmerkingen van buitenstaanders soms confronterend, maar ook ingewikkeld. “Mensen die het niet weten, zeggen dan: je lijkt echt op je vader of op je moeder. Dan denk ik: ja, maar er zit helemaal niks van hen bij”, vertelt ze. “Maar het is toch ook wel een compliment, dat je dan echt wordt gezien als dochter.”
Over pleegzorg bestaan volgens Geertje nog veel verkeerde beelden. “Mensen denken snel: zitten je ouders aan de drugs? Maar pleegzorg is veel breder dan dat. Dan leg je gewoon uit hoe de situatie is.”
Pleegouder Marlie Smeets vertelt hoe het gezin stap voor stap ontstond. “Het is niks zo mooi als je een kind in huis krijgt. Soms krijg je om drie uur een belletje en zit er om half zes iemand bij je aan tafel”, zegt ze. “Zo’n kind helpen om met twee benen op de grond te komen, dat is wat je doet.”
Tekst gaat verder onder de video.
Biologische familie
Geertje groeide op samen met de biologische kinderen van Marlie. Dat bracht vanzelf een nieuwe gezinsdynamiek met zich mee. “Ze hebben het eigenlijk altijd goed opgepakt”, zegt Marlie. “Ze worden er sociaal van, maar ze moeten ook delen: speelgoed, aandacht, ruimte. Dat is niet altijd makkelijk, maar ze gaan er goed mee om.”
Ondanks haar achtergrond voelt Geertje zich onderdeel van het gezin. Tegelijkertijd blijft haar biologische familie ook een rol spelen in haar leven. Volgens Marlie is het belangrijk om dat ook zo te zien. “Ze is hier vanaf baby bij ons, maar het is niet mijn kind. Ze heeft haar eigen papa en mama.”
In haar puberteit begon Geertje steeds meer vragen te krijgen over haar afkomst. Inmiddels heeft ze contact met een deel van haar biologische familie en vond ze via een DNA-onderzoek ook haar biologische vader terug. “Dan kom je in een fase van wie ben ik en waar hoor ik bij. Om dan antwoorden te krijgen over mijn vader en zijn kant van het verhaal, dat is heel verhelderend,” legt ze uit.
Gevoel uitspreken
Volgens Marlie is de druk op pleeggezinnen groot. Ze maakte zelf mee dat een crisisplaats veel langer nodig was dan gepland. “Er was gewoon geen plek om naartoe te gaan. Dat is heel belastend”, zegt ze. “Daar heb je echt hulp van buitenaf bij nodig.”
Geertje wil haar ervaringen gebruiken om anderen te helpen. Ze volgt daarom de opleiding Social Work en hoopt later iets te betekenen voor andere pleeggezinnen. Haar belangrijkste boodschap: “Spreek uit wat je voelt. Dat kan echt veel verschil maken. Het is niet altijd makkelijk, maar het helpt je wel verder.”