Het college van gemeente Peel en Maas wil één miljoen euro beschikbaar stellen voor de toekomst van het buitengebied. Met een nieuw transitiefonds moeten onder meer leegstaande agrarische gebouwen worden aangepakt en projecten voor natuur en biodiversiteit worden ondersteund. Volgens wethouder Frits Berben staat het buitengebied voor grote veranderingen.
Steeds meer agrarische ondernemers stoppen met hun bedrijf of passen hun bedrijfsvoering aan. Daardoor komen gebouwen en gronden vrij en verandert het gebruik van het buitengebied. Volgens Berben moet er ruimte blijven voor de agrarische sector, maar is het tegelijkertijd belangrijk om aandacht te besteden aan natuur, recreatie en landschapsontwikkeling.
Het nieuwe transitiefonds moet in 2027 verder worden uitgewerkt. De gemeente wil het geld onder meer kunnen gebruiken voor situaties waarin bestaande regelingen geen oplossing bieden. Als voorbeeld noemt Berben een oude kas die in verval raakt, maar waarvoor geen passende subsidieregeling beschikbaar is.
Daarnaast kan het fonds worden ingezet voor het vergroten van de biodiversiteit. Daarbij wordt gedacht aan bloemrijke stroken, strokenteelt en het terugbrengen van landschapselementen. De gemeente wil daarmee bijdragen aan een buitengebied waarin landbouw en natuur beter samengaan.
Een ander belangrijk onderwerp is NOVEX De Peel. Binnen dit programma wordt gewerkt aan de toekomst van het agrarisch gebied rond Meijel en de bescherming van de Mariapeel en Groote Peel.
Volgens Berben gaat het om een project waarmee 40 tot 50 miljoen euro is gemoeid. De provincie en het waterschap zijn de belangrijkste trekkers. Peel en Maas heeft vooral een verbindende rol. De gemeente wil ervoor zorgen dat de plannen aansluiten bij de lokale situatie en dat ondernemers, overheden en andere betrokkenen met elkaar blijven samenwerken.
Onderdeel van de plannen is de aanleg van een bufferzone rond de natuurgebieden. Die moet bijdragen aan het aanpakken van de stikstofproblematiek. Volgens Berben ligt de oorsprong van het initiatief bij ondernemers uit het gebied zelf. De komende periode moet duidelijker worden hoe de plannen concreet worden ingevuld.