De gemeente Peel en Maas verwacht dit jaar ongeveer 550.000 euro kwijt te zijn aan de doorstroomvoorziening voor statushouders in Broekhuizenvorst. Dat blijkt uit de antwoorden van het college op vragen van de CDA-fractie. De gemeente benadrukt dat de kosten geen miljoen euro per jaar bedragen, zoals het CDA eerder aangaf.
Op dit moment verblijven er 51 aan Peel en Maas gekoppelde statushouders in de doorstroomvoorziening. Daarvan zijn er 17 financieel voor rekening van de gemeente. De overige 34 vallen onder de financiële verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). In november worden drie gezinnen gehuisvest. Daarna verblijven er naar verwachting nog 31 aan Peel en Maas gekoppelde statushouders in de voorziening.
De doorstroomvoorziening was oorspronkelijk bedoeld voor een verblijf van maximaal één jaar. In de praktijk verblijven sommige statushouders er inmiddels al sinds 2024. Volgens het college komt dat vooral doordat er onvoldoende geschikte woningen beschikbaar zijn. Ook wil de gemeente de huisvesting evenwichtig over de verschillende dorpskernen verdelen.
Om de uitstroom te versnellen, kijkt de gemeente onder meer naar het aanpassen van bestaande woningen, zodat grotere gezinnen er terechtkunnen. Ook worden mogelijkheden voor woningdelen voorbereid. Daarbij kunnen mensen die geen gezin vormen samen in één woning worden gehuisvest.
In 2025 betaalde Peel en Maas 375.683 euro voor de doorstroomvoorziening. Tot 20 oktober 2026 was al 346.231 euro uitgegeven. De verwachting is dat de totale kosten dit jaar oplopen tot ongeveer 550.000 euro. Voor 2027 wordt momenteel uitgegaan van 350.000 euro aan kosten.
De gemeente ontvangt hiervoor geen compensatie van het Rijk. In 2024 werden de kosten nog volledig gedekt door een rijkssubsidie. Vanaf juli 2025 komen de kosten voor rekening van Peel en Maas.
De doorstroomvoorziening sluit op 31 januari 2028. Dat is de einddatum die de gemeente Horst aan de Maas als gastgemeente heeft vastgesteld. Peel en Maas hanteert dezelfde datum als uiterste termijn om de eigen statushouders te huisvesten.
Op basis van de huidige samenstelling van de groep zijn ongeveer vijftien woningen nodig. Dat aantal kan nog veranderen door gezinshereniging, woningdeling en nieuwe uitstroom.
Het college sluit niet uit dat een deel van de statushouders tijdelijk op een andere manier moet worden gehuisvest. Een mogelijke oplossing is opvang in de noodopvang in Maasbree. Er zijn daarvoor nog geen specifieke locaties onderzocht.
Het CDA vroeg het college om vóór 1 januari 2027 met een concreet uitstroom- en huisvestingsplan voor 2027 en 2028 te komen. Het college ziet daar op dit moment geen meerwaarde in. Volgens de gemeente verandert de huisvestingsopgave voortdurend door nieuwe koppelingen en bewoners die uitstromen. Daarom kiest het college voor continue monitoring en periodieke informatie aan de gemeenteraad.
Als alle statushouders al op 1 januari 2027 uit de voorziening zouden zijn doorgestroomd, zouden de kosten voor dat jaar nul euro bedragen. Bij geen verdere uitstroom wordt voor 2027 rekening gehouden met 492.000 euro. De gemeente wil de tijdelijke kosten zo beperkt mogelijk houden.