Hoe fit ben je écht als je straks alleen tegenover een tegenstander in de boksring staat? Rick Hendricks gaat het ontdekken. De 38-jarige mede-eigenaar van restaurant Branie in Helden is een van de deelnemers aan Boxing Peel en Maas, dat op 25 oktober plaatsvindt in De Heuf in Panningen.
Voor Hendricks, die tegen de tijd van het evenement 39 jaar is, vormt Boxing Peel en Maas een mooie aanleiding om zichzelf fysiek uit te dagen. Sporten doet hij al veel, maar de voorbereiding op een bokswedstrijd vraagt volgens hem toch iets extra's. “Ik ben wel benieuwd waar de grens ligt en wat ik nog allemaal in me heb zitten.”
Helemaal nieuw is de bokssport niet voor Hendricks. Zo'n tien jaar geleden bokste hij gedurende een zomer drie à vier maanden. Het was destijds vooral een manier om fit te blijven tijdens de zomerstop van het voetbal.
Voetballen doet hij nog altijd, tegenwoordig bij de veteranen. Maar volgens Hendricks is boksen nauwelijks te vergelijken met een potje voetbal. “Met voetballen heb je wel een stukje dat je kunt wandelen of je even kunt verstoppen. Maar met boksen lukt dat niet. Eén op één en je hebt een ring van zes bij zes. Dus verstoppen zit er niet in.”
Ook uit zijn eerdere bokstrainingen weet hij hoe zwaar de sport kan zijn. Klappen incasseren kost volgens hem enorm veel energie. “Met trainen en sparren een paar jaar geleden kreeg ik alleen maar klappen. Dat valt nu wel mee”, vertelt hij. Conditie is daarbij essentieel. “Hoe fitter je bent, hoe minder pijn het doet. Je moet je handen hoog kunnen houden, dus je hebt heel veel conditie nodig.”
In het dagelijks leven is Hendricks mede-eigenaar van restaurant Branie in Helden. Daarnaast houdt hij zich bezig met verschillende recreatieve activiteiten. Stilzitten is dus sowieso niet aan hem besteed, maar de voorbereiding op Boxing Peel en Maas moet hem nog een stap verder brengen.
Hoe ver hij op 25 oktober in De Heuf komt, zal blijken. Voorlopig richt Hendricks zich vooral op de trainingen en op het ontdekken van zijn eigen grenzen. “Aan de training zal het niet liggen. Ik ga mijn uiterste best doen. En dan zien we wel waar en hoe we eindigen.”