Een bungalow op Stille Wille.
De fractie van BBB Peel en Maas heeft schriftelijke vragen gesteld aan het college van burgemeester en wethouders over de tijdelijke exploitatievergunning voor bungalowpark Stille Wille in Meijel. Fractievoorzitter Paul Sanders wil onder meer duidelijkheid over de gevolgde procedure, het Bibob-onderzoek en de positie van bewoners.
Afgelopen week werd bekend dat burgemeester Bob Vostermans het park een tijdelijke exploitatievergunning van ruim twee jaar heeft verleend, onder negentien strikte voorwaarden. Daarmee wil de gemeente meer grip krijgen op het park, waar de afgelopen jaren sprake was van onder meer illegale bewoning en illegale bebouwing.
Eerder pers dan raad geïnformeerd
De fractievraagt of er sprake is geweest van een negatief Bibob-advies en hoe dat is meegewogen in de besluitvorming. De burgemeester liet eerder weten dat er “sprake is van een gevaar dat de vergunning misbruikt wordt”, maar dat dit met voorwaarden kan worden ondervangen. Ook vraagt BBB of de vergunningverlening gevolgen kan hebben voor andere dossiers, zoals De Berckt in Baarlo, waar eerder een exploitatievergunning werd geweigerd. Sanders wil weten of hier sprake kan zijn van precedentwerking.
Wonen of recreëren?
Een belangrijk punt voor de fractie is het feitelijke gebruik van het park. Volgens BBB wordt er op Stille Wille al ruim dertig jaar voornamelijk gewoond en nauwelijks gerecreëerd. Van de circa 178 woningen zouden er nog maar ongeveer 25 recreatief worden gebruikt. “Waarom spreekt het college van een toeristisch profiel, terwijl er feitelijk al decennialang nauwelijks recreatief gebruik is?”, vraagt Sanders zich af. Ook wil hij weten hoe de aanwezigheid van vergunde en gedoogde bewoning zich verhoudt tot het uitgangspunt dat permanente bewoning op recreatieparken niet is toegestaan.
Positie bewoners
Verder vraagt BBB of de gemeente, naast overleg met de exploitant, ook in gesprek is gegaan met bewoners van het park. Als dat zo is, wil de fractie weten hoe hun inbreng is meegenomen in de besluitvorming. Tot slot vraagt Sanders welke alternatieven de gemeente kan bieden aan bewoners die mogelijk niet langer op het park mogen wonen en hoe wordt omgegaan met toekomstige wetgeving die permanente bewoning op recreatieparken mogelijk maakt.