Wat moet er gebeuren met de intensieve veehouderij in Peel en Maas? Die vraag stond centraal in een verkiezingsdebat bij Raadhuisplein 6. Het gesprek maakte duidelijk dat de politieke verschillen over de koers van de landbouw groot zijn, ondanks brede erkenning dat de sector de afgelopen jaren al ingrijpend is veranderd.
Aan tafel zaten zes kandidaten: Natasja Vaasen (CDA), Frits Berben (PvdA/GroenLinks), Wouter Hunnekens (D66), Kevin Steeghs (VVD), Tijs van Lierop (Lokaal Peel en Maas) en Paul Sanders (BBB).
Minder bedrijven, grotere stallen
De feiten zijn helder. Sinds 2010 daalde het aantal veehouderijen in Peel en Maas met ongeveer 20 procent. Het aantal intensieve bedrijven nam zelfs met bijna 40 procent af. Tegelijkertijd steeg het totaal aantal dieren. Bedrijven werden groter, het aantal dicht bij de dorpskernen daalde sterk en de uitstoot van geur en ammoniak nam af.
Maar terwijl landelijk via stikstofbeleid en beëindigingsregelingen wordt ingezet op krimp, stemde een meerderheid van de raad in met uitbreiding van een bedrijf in Egchel tot 25.000 varkens. Dat besluit leidde tot onbegrip bij een deel van de inwoners, onder meer na een handtekeningenactie tegen de plannen.
Betrouwbare overheid
Volgens Natasja Vaasen (CDA) is het beeld dat de intensieve veehouderij wordt afgeschaft onjuist. “Bedrijven die willen doorgaan, moeten we ondersteunen,” stelde zij. Intensivering is volgens haar nodig om toekomstbestendig te blijven. Ze benadrukte dat bestaande ontwikkelgebieden planologisch zijn vastgelegd en dat ondernemers rechtszekerheid verdienen.
Ook Paul Sanders (BBB) waarschuwde voor een te eenzijdige focus op krimp. Hij wees op de economische realiteit van schaalgrootte en internationale concurrentie. “Bedrijven hebben een bepaalde omvang nodig om te kunnen produceren tegen een prijs die consumenten willen betalen.”
Kevin Steeghs (VVD) sloot zich daarbij aan en benadrukte het belang van een betrouwbare overheid. Als vergunningen rechtsgeldig zijn verleend, moet de gemeente volgens hem terughoudend zijn met het blokkeren van uitbreidingen.
Koerswijziging
Aan de andere kant pleitte Frits Berben (PvdA/GroenLinks) juist voor een fundamentele koerswijziging. Volgens hem was het oorspronkelijke idee van het landbouwontwikkelingsgebied nooit bedoeld voor megabedrijven. “We moeten naar extensievere landbouw en een duidelijke visie ontwikkelen,” zei hij. Oude vergunningen zouden volgens hem opnieuw tegen het licht van het huidige beleid moeten worden gehouden.
Wouter Hunnekens (D66) uitte zorgen over het risico dat uitbreidingen juridisch alsnog sneuvelen bij de rechter als ze niet aansluiten bij nieuwe wetenschappelijke inzichten en stikstofnormen. Hij pleitte voor voorzichtigheid en meer toekomstgerichte afwegingen.
Tijs van Lierop (Lokaal Peel en Maas) erkende de maatschappelijke verontwaardiging. “We kopen stallen op om bedrijven te laten stoppen en staan hier uitbreiding toe. Dat wringt.” Volgens hem moet de gemeente duidelijk aangeven dat verdere uitbreiding van intensieve veehouderij niet vanzelfsprekend is.
Economie versus leefomgeving
Het debat draaide uiteindelijk om een bredere vraag: welke landbouw past bij Peel en Maas in de toekomst? Voorstanders van schaalvergroting wijzen op economische haalbaarheid, exportpositie en voedselkwaliteit. Tegenstanders leggen de nadruk op leefomgeving, stikstofdruk en maatschappelijke acceptatie.
De verkiezingen zullen moeten uitwijzen welke visie de komende jaren de toon zet: verdere concentratie van intensieve veehouderij binnen bestaande kaders, of een versnelde transitie naar een ander landbouwmodel.